als jij de koude winter breekt,
zal ik de lente vangen
en als jouw mooiste spiegeling
moeder aarde met zonnen behangen

Waar jij misschien een staf of wichelroede nodig hebt om water op te sporen, weet speenkruid dat feilloos te vinden. En niet alleen dat: dit plantje weet alles naar zich toe te trekken wat het nodig heeft om optimaal tot bloei te komen, zelfs de eerste zonnestralen aan het einde van de winter. Dat naderende einde kondigt speenkruid zelf aan door al in de winter een groen kleed over de donkere aarde te leggen. Tussen de blaadjes wachten piepkleine bloemknopjes geduldig op een paar warmere dagen. Om dan omhoog te schieten, ten teken dat de lente onderweg is.
‘Wat heb jij nodig om tot bloei te komen?’, is de vraag die duizenden gele zonnetjes vanaf de aarde ons aan het begin van de lente toezingen. ‘Neem je eigen ruimte in, geef je ziel de juiste voeding, zet je talent in het licht en straal.’ Om dat te kunnen doen, moet je afscheid nemen van dat wat niet meer voedt. Houd dat niet vast, zoals je ook dat wat uit jou geboren wil worden niet vast moet houden. Oefen andersom ook geen druk uit. Vertrouw op jouw natuur en beweeg mee. Alleen dan kan het leven stromen.

Speenkruid leert ons dat het leven wil stromen en dat dit stromen een natuurlijk proces is dat een eigen tijd kent. Mits jij voor de juiste voeding en ruimte zorgt. Om je daarbij te helpen, schenkt speenkruid je handen vol levenskracht en een vrolijk kleed dat oproept om de lente te verwelkomen. Heb je letterlijk te hard geperst om het nieuwe geboren te laten worden of afscheid te nemen van oude voeding, dan verlost een aftreksel van de wortels je van de herinnering daaraan.

Tip: zolang speenkruid niet bloeit, kun je de blaadjes eten. Verwerk een handjevol blaadjes in een gemengde salade.

NB: Het verhaal over speenkruid komt uit het boek ‘Terug naar de wortels’, waaraan ik samen met Leah Groeneweg werk. De illustratie bij dit verhaal is gemaakt door Maartje Hoek.