MIDWINTER
Tot een paar eeuwen geleden, wist de mens dat tijd niet lineair maar circulair is. Alles begint, groeit, bloeit en keert terug naar het beginpunt. De zon komt op en gaat onder, nieuwe maan wordt volle maan, die afneemt tot laatste maan om uit het donker weer tot nieuwe maan te worden. Ook de seizoenen kennen een periode van stilte, periodes waarin het nieuwe geboren wordt, bloeit, loslaat en terugkeert naar de stilte.
De tijd waarin wij leven, houdt weinig rekening met deze circulaire tijd. Dat de symbolen die onze voorouders ermee verbonden desondanks weer steeds belangrijker lijken te worden, vertelt ons dat de behoefte aan die andere tijd nog steeds leeft en misschien wel steeds groter wordt. Eén van die symbolen is de groene boom die onze prehistorische voorouders rond midwinter al in huis zetten. Juist het feit dat deze boom in de winter groen is, geeft hoop. Het leven eindigt niet in deze winter, maar kent telkens weer een nieuw begin. Levenskracht is de grootste kracht op aarde.

GROVE DEN (Pinus sylvestris)
Zo’n 300 miljoen jaar geleden begonnen de eerste naaldbomen op aarde te groeien. Dit waren de eerste aromatische planten op onze planeet en hoewel de aarde daarvoor ongetwijfeld ook een geur had, is de geur van een naaldbomenbos wel een hele oude, aardse geur. Als je nu in een naaldbos loopt en je hebt ook nog het geluk dat het net geregend heeft, ruik je de geur die onze dierlijke voorouders miljoenen jaren geleden misschien al wel een geruststellend gevoel gaf. Bomen slaan hun essentiële olie namelijk in de bodem op, als reservevoorraad voor tijden van droogte. Regent het, dan komen deze oliën vrij en vult de lucht zich met hun geur. Deze geur vertelt plant, dier en mens dat er water en dus ook voedsel is. Alles wat leeft, kan zich ontspannen. Een boodschap die diep in onze genen ligt opgeslagen. Het is niet voor niets dat ook wij nog graag met ontspannende dennenolie in bad gaan, de ruimte vullen met de geur van etherische dennenolie of tijdens een boswandeling de geur van het naaldbos opsnuiven.

Inheems én uitheems
Hoewel de grove den hier dus miljoenen jaren geleden al groeide, verdween hij tijdens de ijstijden om na de laatste ijstijd, zo’n 11.000 jaar geleden, als één van de eerste bomen terug te keren. De boom vestigde zich toen met name in hoogveengebieden en verdween opnieuw toen de mens bossen begon te ontginnen en veengebieden afgroef. Het ingrijpen van de mens in het landschap leidde tot dusdanige kaalslag dat zand op grote schaal begon te verstuiven en diezelfde mens een list moest bedenken. Er moesten bomen worden geplant. De stuifzandgronden waren inmiddels zo voedselarm dat er maar één boom wilde groeien. De grove den. En dus mocht de inheemse boombevolking terugkeren om nu in- en uitheems tegelijk te zijn.

Dubbele gerichtheid
De ‘twee paspoorten’ van de den passen goed bij de dubbele houding ervan: de boom is introvert en extravert tegelijk. De kroon van de boom beweegt mee met de wind en vormt zich naar de dominante windrichting. De vorm van de stam is gericht op een optimale sapstroom. De dikke laag schors beschermt niet alleen de sapstroom, maar beschermt de boom ook tegen zonnebrand. Deze schorslaag kan een waar kunstwerk worden.
De boom beweegt mee en kan daardoor onder ingewikkelde omstandigheden overleven. Ook de penwortel speelt daarbij een rol. Deze wortel weet namelijk door te schieten naar water in diepere lagen en legt daar bovendien de  verbinding met het schimmelnetwerk dat een rol speelt in de voedselvoorziening van bomen. Een voedselarme bovenlaag is daardoor geen probleem voor de grove den. Deze boom is niet in de laatste plaats een ‘lichtboom’. De naaldenkransen zijn net sterren. Ze doen hun uiterste best om licht te vangen, zoals ook de boom als geheel dat doet. De grove den staat het liefst in het volle licht en komt, net als een mens, het beste tot zijn of haar recht wanneer dit lukt. Krijgt een grove den de ruimte, je zou dit ook ‘lucht’ kunnen noemen, dan zie je dat de boom deze ruimte ook inneemt en bij uitstek een aandachttrekker op een heideveld of zandverstuiving kan worden.

Balans
De grove den weet zich dus goed aan de omstandigheden aan te passen. Hij ‘danst’ als het ware met de omstandigheden. Waar wij onszelf daardoor kunnen verliezen, vindt de boom daarin juist balans en eigen kracht. De naalden, die twee aan twee verbonden zijn, vertellen daar ook over. Wanneer je je verbeeldingskracht inzet, kun je je misschien voorstellen dat ze samen een wervelende ‘soefidans’ uitvoeren. Ook bij deze dans gaat het erom je eigen centrum, je eigen innerlijke kracht te vinden. Je kunt deze naalden overigens in elkaar leggen. Doe je dit dan zie je dat de ene zijde van de naalden rond is en de andere recht. De ronde vorm zorgt ervoor dat de boom wind en water gemakkelijk van zich af kan laten glijden.
De grove den is niet in de laatste plaats in balans doordat deze zowel mannelijk als vrouwelijk is. De boom heeft mannelijke en vrouwelijke vruchten en bestuift zichzelf.

Boodschap
‘Beweeg mee met de omstandigheden en ontdek in dat meebewegen je eigen kern en kracht’, dat is de boodschap van de grove den. ‘Heb je last van deze donkere periode van het jaar, of zit je in een donkere periode in je leven, ga dan op zoek naar licht en voeding. Letterlijk, en ook figuurlijk. Leef jij nog bezield en zo nee: waar heeft jouw ziel behoefte aan? Ontspan, laat alles waarover jij je druk of zorgen maakt van je afglijden, adem diep in en uit en neem de tijd. Mijn dennenappels zijn ook niet in één jaar klaar. Sterker nog: ik neem daarvoor twee keer een volle tijdronde, maar dan heb je ook iets moois. Voeding voor dieren, zaadjes voor nieuwe bomen. Jij neemt ze mee, in je handen of onder je schoenen. Eekhoorns laten ze vallen wanneer ze mijn appels meenemen naar hun voorraadhol en de wind neemt ze mee. Diezelfde wind waarmee ik dans, is dus ook een belangrijke helper van mij. Die bundeling van kracht, dat is levenskracht. Wanneer voel jij jouw levenskracht?’

Soms zie je midden op een zandverstuiving of heideveld een grove den staan. Kom je zo’n boom tegen, neem dan vooral de tijd om goed te kijken, te voelen en te luisteren naar wat deze vertelt. Vergeet niet de geur van de boom op te snuiven en een jonge knop te proeven, mocht het winter zijn. Wat je ziet, voelt, hoort en proeft is pure levenskracht.

Wil je meer winterverhalen lezen? Klik dan hier!